Inhoudsopgave
In- en exterieur
Interieur
Alle Pagina's

Het interieur van de kerk wordt in twee├źn gedeeld door de scheidingswand die tussen de tweede en derde travee is gezet.

Het oostelijk deel, dat geen doorgang naar de toren heeft, bestaat uit een lage losstaande constructie (uit 1978), waarin een vergaderruimte is gemaakt en een gang loopt over de breedte van de kerk. Alleen het zuidelijk portaal is nog als zodanig in gebruik. De kerkruimte zelf is bezet met roodgeschilderde houten banken en stoelen. Tegen de scheidingswand staan banken met een luifel erboven. Tegen de westuitbouw van de kerk die de consistorie bevat, staat de kansel onder het Van Dam orgel uit ca. 1900, opgenomen in de lambrisering.

Het doophek bevat een koperen lezenaar (beide uit begin 18de eeuw). Ter weerszijden van de kansel hangen de psalm- en gezangborden. De wanden van het interieur zijn witgepleisterd, maar niet de raamomlijstingen, de bogen van de uitbouwen en de schalken, die opgaan naar het (houten) gewelf, welke alle zijn uitgevoerd in baksteen afgewisseld door natuursteen.

Tegen de scheidingswand hangt een groot wandkleed waarop een duif staat afgebeeld. In de kerk hangt een zestal ijzeren wandluchters en vijf kronen elk uitgevoerd in neogotische vormen. De ruimte is overwelfd dor een groen geschilderd houten spitsgewelf, dat rust op consoles en schalken. De ramen zijn gevuld met kleurloos glas. De consistorie ligt onder de orgelgalerij en is te bereiken door de deuren aan weerszijden van de kansel. Daarachter, in een van de kleine torens, bevindt zich de trap naar het orgelbalkon.

De Nederlandse Hervormde kerk is van architectuurhistorische waarde:

als een van de zeer zeldzame en authentieke voorbeelden van een neogotische kerk voor een hervormde gemeente gebouwd.

als een belangwekkend en representatief bouwwerk in het oeuvre van J.A.G. van de Steur, een architect die in verschillende historische stijlen bouwde.

vanwege de gaaf gebleven hoofdvorm en detaillering.

vanwege de beeldbepalende massa en toren.

vanwege de oorspronkelijke dispositie van de kerkruimte, gericht op de kansel en het orgel erboven; karakteristiek voor de hervormde eredienst in de 19de eeuw. Van kunsthistorische waarde zijn onder meer de banken, de kansel, het doophek met lezenaar, het orgel, en de kroonluchters.